13 december 2009
Drie voorstellingen later; moe, verward, content.
De première was een dolle rit die voortraasde op onze zenuwen!
Een regelmatige bulderlach in de zaal verraadde de aanwezigheid van journalisten. Maar herkenning was er ook bij de leek. Het publiek was enthousiast, wij waren opgebrand en verbaasd dat we het overleefd hadden. En gelukkig met het besef dat we ons doel niet gemist hadden. Daar werd op geklonken. Iedereen stond natuurlijk na één glas bubbels op zijn kop, inclusief dikke lallende tongen en rode ogen.
Na dit enthousiast onthaal zat de schrik er goed in voor de bekende ‘tweede’ voorstelling, die naar aloude traditie wel eens ondermaats durft te zijn. Godzijdank waren we zo moe dat allesverlammende zenuwen niet aanwezig waren. Ook afwezig waren journalisten. Een ander publiek. Rustiger. Aandachtig om geen woord of gebruikte term uit de journalistiek te missen. Misleidend ook, na zo’n lichte ‘eerste’. Maar ook hier weer een content publiek.
Ook de derde avond was ‘serieuzer’ van aard. We zullen erover moeten waken dat de inhoud weer geen loopje met ons neemt. Fris blijven. Beseffen dat het een satire is. Onze jeugdige leeftijd zit hier vast voor iets tussen. Ons gebrek aan levenservaring, dat ons belemmert om de dubbelheid te herkennen in de situaties die we spelen, de dialogen die we zeggen. Maar toch ook hier weer een tevreden publiek, ontroerd door de inhoud en de feiten.
Vanmiddag de vierde. Voor een zondagmiddag publiek. Helemaal anders. We zullen zien. We gaan door. Gesterkt in de overtuiging dat de voorstelling zin heeft. Dat ons gepeuter, gewroet en geworstel met al het materiaal absoluut zin heeft gehad. Dat enkele mensen toch terug wat kritischer zullen worden.
In de hoop dat er op een dag een ommekeer is.
Met het besef dat we zelf die ommekeer in handen hebben.
Nee zeggen is gepermitteerd.
We zijn geen kudde schapen…
reageer